Gaijmans-Gaymans
Roeland Leonard BOURICIUS
Roeland Leonard BOURICIUS, ged. te Arnhem op 23 okt 1810, 1e Luitenant Infanterie Oost Indisch Leger, ontvangt Willemsorde 4e klasse, ovl. (ongeveer 31 jaar oud) te Samarang [IndonesiŽ] op 10 apr 1842.

  • Vader:
    Mr. Roeland Jan BOURICIUS, zn. van Adriaan BOURICIUS (BOUWER) en Baronesse Susanna Maria van PABST, geb. te Arnhem op 16 nov 1751, Advocaat aan het Hof van Gelre & Burgemeester van Arnhem, Lid Provinciale Staten v. Gelderland. Zij hadden een huis in de Koningstraat met een achteruitgang op de Kromme Elleboog, sectie O, perceel 529 (3e huis met de hoek van de Klare straat) [1].
    Ook had hij een huis in een Steegje uitkomende op de Korte Straat sect O, perceel 1830. Daarnaast had hij een huis aan de Weverstraat, oostzijde 4e huis met de hoek van de Kleine Oort. Sectie O, percelen 1913,1915 [1]. Dit was zijn woonhuis.
    Ook bezat hij de buitenplaats aan de Rijn, Schoonoord, buiten de Rijnpoort [1].
    Het huis lag dicht aan de Rijnoever (aan de voet van de Santberg) en de tuin liep omhoog tot aan de Utrechtseweg (percelen 60-67 en 91).
    De hij (de erven Eijtelwijn) had een aantal panden in de Bakkerstraat, naast het hoekhuis met de Bentink Steeg, met "achter" uitgang op de Bentink Steeg, sectie O, panden 715-719 [1].
    Hij start zijn loopbaan bij het koetsveer kantoor in Amsterdam waar in 1776 Jan Luder was ontslagen [2].
    Na twee jaar in Amsterdam komt hij terug naar Arnhem en zal zijn 60 jarige vader ondersteund hebben tot diens overlijden.
    Na Adriaans overlijden wordt Roeland Jan de directeur van het postwagen bedrijf en niet zijn oudere broer Jacob Anthonij.
    Hij had een goedlopend koetsveer Arnhem-Utrecht-Amsterdam.
    Echter rond 1799 waren er verliezen en moest gesaneerd worden [2].
    In 1812 stelde hij gezien de slechte economische situatie voor de onderneming te ontbinden en een nieuwe onderneming te vormen na nieuwe investeren[2]. Zo geschiede zondat dat alle aandeelhouders daar schriftelijk mee accoord waren. Dit laatste leidde later wel tot een rechtszaak [2].
    Rond 1812 was de weg naar Utrecht bestraat en kon nu sneller naar Amsterdam gereden worden. Ook kreeg het bedrijf concessie om van Amsterdam naar Nijmegen te reiden, om van Arnhem naar Groningen en Leeuwarden en voor de lijn Zwolle-Amsterdam [2]. Vanaf 1818 moest hij de route Amsterdam-Arnhem met locale voerlieden gaan delen [2].
    Zijn oudste zoon Adriaan Frans Bouricius trad toe tot de onderneming and had de laatste jaren van Roeland Jan de dagelijkse leiding.
    Roeland Jan maakte begin 1796 deel uit van een commissie tot herziening van de bestuursinrichting van de stad. Vanaf 1798 tot aan zijn dood was Roeland Jan direct betrokken bij het stadsbestuur [2].
    In 1808 werd het stadsbestuursysteem omgevormd en werd hij vroedschap van de stad evenals Derk Gaijmans.
    in 1814 werd hij tevens benoemd tot raadsheer van het departementaal bestuur [2].
    Van september 1803 tot juli 1805 had hij bovendien zitting in he Departementaal Bestuur van Gelderland, namens het Kwartier van de Veluwe en in maart 1812 lid van de Raad van de Prefectuur van het departement van de Boven-IJssel.
    In 1816 werd hij even als Derk Gaijmans en Jacob Nicolaas van Eck burgemeester van Arnhem en dit tot aan zijn dood in 1824.
    Hij was ook jaren lang mede bestuurder van het burgerweeshuis [2].
    Hem werd verweten dat hij zijn persoonlijke, zijn zakelijke en het algemene belangen niet scheiden [3]. Er was een conitue animositeit tussen hem en burgemeester van Eck [3]. Hij voelde zich zeer verongelijkt behandelt.
    Hij was een van de meest verdienende in de provincie.
    Hij trouwt in 1794, 43 jaar oud, met de 17 jaar jongere Elenora C.F. Eijtelwijn.
    Hij had bepaald dat het koetsveerbedrijf na zijn overlijden voor gezamenlijke rekening zou worden voortgezet door zijn vrouw en al zijn kinderen. Het beheer viel aan zijn oudste zoon Adriaan Frans toe [2].
    Zij schilderijen collecie (200+ groot werd geveild, onder het werken van Rubens, RaphaŽl, Van Ostade, Rembrandt, Frans Hals, Jan Steen, Ruysdaal, Holbein, van Goyen [2].
    Duidelijk is dat de familie zich bij veel hoge bestuurders een politieke vijandschap had gewekt [1]. Waarvan ook de kinderen soms de dupen werden.
    --------------------------
    1. Kadasterale atlas van Gelderland 1832, Arnhem. (Stichting Werkgroep Kadastrale Atlas Gelderland) (1986)
    2. Bert Koene, De diligence van Bouricius, Anderhalve eeuw bedrijvigheid langs 's heren wegen. Verloren Hilversum 2017 ISBN 978-90-8704-663-7
    3. Bert Koene, "De vijandschap tussen de burgemeesters Bouricius en van Eck" in het Arnhems Historisch tijdschrift december 2015 p. 210-223.
    ----------
    Publicaties:
    - Dissertatio juridica inauguralis de successionibus ab intestato
    Bouricius, Roelandus Joannes / 1773
    - Brieven van Bouricius, R. J. aan Louise Johanna Catharina Cornets de Groot-Hora Siccama 1769-1851.
    - Inleiding, advysen en propositie [..] wegens den afstand van pastorie en vicariegoederen .. [etc.], Bouricius, R.J. / 1821
    - Brieven van Bouricius, R.J. aan Johan Meerman 1753-1815
    - Brieven van Bouricius, R.J. aan Adriaan David Cornets de Groot Senior 1768-1827.
    ----, ovl. (72 jaar oud) te Arnhem op 24 jun 1824, tr. (resp. 42 en 25 jaar oud) te Arnhem op 16 mrt 1794.
 
 


2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Susanna*1839 Ambonia [IndonesiŽ] Ü1840 Ambonia [IndonesiŽ] 0
Roeland*1842 Amboina [IndonesiŽ] Ü1843  0